Home


Komt plotse dood echt uit de lucht vallen?
 

Plotse dood komt in tegenstelling tot wat de benaming suggereert zelden uit de lucht vallen!
Uit onderzoek blijkt dat slachtoffers van plotse dood in de 4 weken voor hun overlijden meer gezondheidsklachten hadden gehad dan normaal. Die klachten zijn meestal vaag, zoals moeheid. Veel klachten worden gebagatelliseerd door de sporter zelf, door de trainer of door zijn familie en soms zelfs heeft de dokter ze onderschat. Veel sporters hadden een a-typische klacht:
“Potverdorie, als wij dat geweten hadden ….”
Het is de kunst om het meteen te weten.
Zo schrijft Jan Hoogsteen, sportcardioloog te Veldhoven in het vakblad “Coachen” en volgens hem is dat vaak minder moeilijk dan het lijkt. Hij geeft enkele voorbeelden:
“Sporters die tijdens het sporten ineens even bewusteloos raken, sporters die klagen over hartkloppingen en duizeligheid, en sporters die ineens veel kortademiger worden dan je op grond van de inspanning mag verwachten”.
Dergelijke signalen worden wel eens onderschat, weet de sportcardioloog:
 “Sporters zeggen dan al snel. Toen ik even rustig aan deed, ging het over of het zal wel door die verkoudheid komen of ik zal wel te weinig gedronken hebben of moe zijn geweest”
Maar juist deze kleine klachten kunnen de voorloper zijn van grote problemen. Juist dan is nader cardiologisch onderzoek noodzakelijk

Hoort pijn niet bij sport?
En wanneer weet je nou of je een klacht moet laten onderzoeken? Natuurlijk moet je een beetje kunnen afzien maar rare fenomenen als kortademigheid en overmatig zweten moet je serieus nemen. Als je goed luistert naar overlevenden van een hartstilstand of naar de nabestaanden van een slachtoffer, dan is er altijd iets raars geweest, iets wat niet past, zo vertelt Jan Hoogsteen..

Goed nieuws
Gelukkig is er ook goed nieuws. Sinds kort krijgt preventie van sudden death eindelijk de aandacht die het volgens Jan Hoogsteen verdient.
Vanuit een speciale werkgroep is er een vragenlijst samengesteld waarmee sporters kunnen checken of zij een verhoogd risico lopen. Zo ja, dan is een goed lichamelijk onderzoek nodig. Daarnaast kunnen trainers zich bekwamen in het reanimeren en zij kunnen klachten oppikken en op waarde schatten.
Tot zover het commentaar van Jan Hoogsteen op plotse dood.  

Automatische elektrische defibrillator
De automatische elektrische defibrillator (AED) is een belangrijk hulpmiddel. Je kunt door een stroomstoot te geven het hart weer op gang brengen door het hartritme weer te herstellen. AVP heeft een AED stand-by staan in het clubhuis. In onze club komt de vraag steeds op nieuw op of atleten preventief meer kunnen doen om hartstilstanden te voorkomen. Het antwoord is vaak:
“Laat de atleten altijd een sportmedische onderzoek ondergaan”
Als trainers van AVP proberen wij dat ook te stimuleren.
Ook ligt er een folder van het Meander Medisch Centrum in het clubhuis met informatie over sportmedische onderzoeken en toch blijft er behoefte aan meer opheldering over het thema van de plotse dood.  

Sportarts Frank van Hellemondt legt uit!

Ik heb daartoe contact gezocht met Frank van Hellemondt, sportarts van het Meander Medisch Centrum te Baarn en ik heb hem een aantal vragen voorgelegd over dit onderwerp:

Wat is er nu bekend over het aantal slachtoffers en de oorzaak van acute hartstilstand?
Frank Hellemondt beperkt zich tot Nederland en dan zijn er geschat tussen de 200- 400 acute sporthartdoden per jaar. Exacte getallen ontbreken omdat er geen databank wordt bijgehouden. Daarom is de oorzaak van de hartdoden ook niet helemaal in kaart gebracht. Toch kunnen we globaal de groep verdelen in tot 35 jaar en daarboven. De 1e groep overlijdt meestal aan aangeboren hartziekten b.v. een verdikte hartspier, niet goed aangelegde hartkamer, klepproblemen. De oudere groep overlijdt meestal aan verworven hartziekten zoals de bekendste aderverkalking van de kransvaten is. 

En hoe zit dat dan met geslacht; inspanningsniveau, gezondheid en voeding?
Frank van Hellemondt vertelt dat de meeste acute hart sportdoden mannen zijn boven de 35 jaar en meestal als gevolg van een aandoening van de kransvaten. Er treedt een verstopping in een kransvat op en er ontstaat een hartinfarct (er sterft een stukje van de hartspier) dat kan soms leiden tot een kamerritmestoornis en uiteindelijk een hartstilstand.  

Kunnen trainers dit voorkomen?
Wanneer je meteen reanimeert en zorgt dus dat het bloed en zuurstof rondgepompt wordt kun je iemand enige tijd 'in leven' houden. Een belangrijk hulpmiddel is de AED ofwel de automatische elektrische defibrillator, je kunt dan door een stroomstoot te geven het hart weer opgang brengen door het hartritme weer te herstellen. Wat natuurlijk wel van belang is, is dat je zo snel mogelijk moet beginnen met reanimeren en doorgaan tot er professionele hulp is gearriveerd. Hoe eerder het hartritme en de zuurstof voorziening weer normaal is hoe groter het succes.

Loopt iedereen het zelfde risico op plotse dood?
Het risicoprofiel voor hart- en vaatziekten is afhankelijk van een aantal factoren. Hoe meer risicofactoren hoe groter de kans op een hartinfarct.
Je loopt meer kans op aderverkalking en dus een hartinfarct wanneer je rookt of lijdt aan suikerziekte, hoog cholesterol, hoge bloeddruk, overgewicht, of te weinig beweegt. Een andere belangrijke factor is wanneer hart en/of vaatziekten in de familie voorkomt.
Dat hart en/of vaatziekten in bepaalde gebieden (Noord Europa/Noord Amerika) meer voorkomen heeft waarschijnlijk te maken met voedingsgewoontes. Het eten van veel verzadigde (dierlijke) vetten en vezelarme voeding is een belangrijke oorzaak. Vis, plantaardige oliën en vezelrijke voeding is juist goed en voorkomt hart- en vaatziekten.
Bewegen is natuurlijk goed hoewel men wel onderscheid maakt, mensen met aangetoonde aderverkalking kan sporten waarbij schokbelasting optreedt (hardlopen) nog wel eens ontraden worden dit om ervoor te zorgen dat er geen plakken lostrillen en in de kleine kransvaten vastlopen en zodoende een hartinfarct kunnen veroorzaken. 

Sportmedische keuring 

Sinds kort is er een consensus bereikt over welk advies aan de recreatieve sporters t.a.v. hart en vaatziekten screening meegegeven wordt. Tot 35 jaar kan worden volstaan met een vragenlijst en die screened op mogelijke aandoeningen van het hart. De vragenlijst kan indien noodzakelijk aangevuld worden met een lichamelijk onderzoek (door een arts) en rust ECG. Bij twijfel kan dan eventueel een inspannings ECG en ECHO van het hart gemaakt worden. Een dergelijke keuring is in de maak en komt rond de 60 euro te liggen. Boven de 35 jaar wordt een uitgebreidere keuring standaard geadviseerd dus in ieder geval een inspannings ECG om kransvatlijden uit te sluiten. Kosten rond de 90 euro. Wanneer er ook een uitgebreid lichamelijk onderzoek (houding- en bewegingsapparaat), bloed-, urine- en longfunctieonderzoek zijn de kosten 175 euro. De meeste verzekeraars hebben wel enige vergoeding in het aanvullende pakket opgenomen een aantal vergoeden zelfs eens in de 2 jaar een sportmedisch onderzoek nagenoeg helemaal. Een algemene richtlijn is helaas niet te geven, wel is het eigen risico niet van invloed omdat het uit het aanvullende pakket komt. Je zult in de polis moeten kijken welke vergoeding voor sportmedisch onderzoek (consulten en keuring) is opgenomen.  

Veiligheid bij AVP

Al onze trainers beschikken over een EHBO-tasje met inhoud voor de eerste lijnsverzorging bij kleine voorvallen.
Alle clubtrainers kunnen reanimeren en worden jaarlijks bijgeschoold.
Op vrijwillige basis kunnen alle trainers worden bijgeschoold voor gebruik van een defibrillator. AVP beschikt over een deskundig opgeleide docent, erkent door de  NRR (Nederlandse Reanimatie Raad) voor het begeleiden en opleiding, met bijscholing betreffende reanimatie en AED gebruik door de trainers.
Alle clubtrainers zijn inmiddels opgeleid als AED bediener.
Voor een adequate training beschikt AVP inmiddels ook over een uitgebreid pakket oefenmateriaal waaronder een oefenpop voor reanimatie en AED gebruik evenals een oefendefibrillator, speciaal ontwikkelt voor training en vergelijkbaar met de aanwezige defibrillator.
Als onderdeel van de FIT-Start wordt er door AVP een Fittest afgenomen. Als je wilt gaan lopen is immers de uitgangspositie van jouw gezondheid bepalend.
Jan Veen heeft door het initiëren van bovenstaande maatregelen ervoor gezorgd dat AVP met grote afstand voorop loopt in de atletiekwereld.
Inmiddels is Jan Veen benoemt tot projectcoördinator Fittest bij de KNAU. Zijn denkbeelden en maatregelen staan aan de basis van de nieuwe KNAU-opleiding Fittestleider. 

Ten slotte

Jan Hoogsteen zegt:
‘Wie aan sport doet, moet goed naar zijn lijf luisteren.
Dat gebeurt tot nu toe onvoldoende.
En de trainer moet goed luisteren naar de sporter.
Als je het niet vertrouwt: ingrijpen’

Het verhelderende gesprek met sportarts Frank van Hellemondt te Baarn, een gesprek met Jan Veen en een interessant artikel van sportcardioloog Jan Hoogsteen onderstrepen het belang van preventie; vooral door de sporter zelf te initiëren. Gelukkig ondersteunt AVP alle trainers met middelen en opleidingen om te proberen fatale ongelukken zoals plotse dood te voorkomen.  

Ben Kersbergen

Wedstrijd Atletiek Commissie (WAC)